Geslacht als factor van succes in het mbo?

In het mbo zijn meisjes succesvoller dan jongens. Meisjes veranderen minder vaak van opleiding dan jongens, ze vallen minder vaak uit en halen eerder hun diploma. Toch hebben meisjes die het mbo met een diploma verlaten geen betere aansluiting op de arbeidsmarkt. Integendeel, ze verdienen vaak minder dan de jongens en zijn ook vaker werkloos.

Deelname van jongens en meisjes in het mbo

Over de tijd heen blijft de verdeling tussen jongens en meisjes in het mbo ongeveer gelijk. Aan het mbo nemen meer jongens dan meisjes deel: 51% van de studenten zijn jongens en 49% zijn meisjes. Op elk onderwijsniveau bestaan opleidingen die worden gevolgd door voornamelijk jongens of voornamelijk meisjes.

Studiesucces van jongens en meisjes

In het mbo zijn meisjes succesvoller dan jongens. Meer meisjes halen een diploma, ze veranderen minder van opleiding en de uitval zonder diploma is lager dan bij jongens. Ook doen ze iets korter over het behalen van hun eerste diploma.

Ook in het hoger onderwijs zijn meisjes succesvoller dan jongens. Opvallend is dat ook in de sector techniek, waar meer jongens aan deelnemen, meisjes zowel in het hbo als het wo vaker hun diploma halen dan jongens.

Diplomakansen in het mbo

De Inspectie van het Onderwijs heeft geconcludeerd dat verschillen tussen jongens en meisjes in studiesucces blijven bestaan wanneer rekening wordt gehouden met andere belangrijke factoren. Andere factoren, zoals etniciteit, bepalen echter wel sterker het studiesucces dan het geslacht.

Aansluiting onderwijs-arbeidsmarkt

Ondanks dat jongens het over het algemeen minder goed doen in het onderwijs, hebben ze vaak een betere aansluiting op de arbeidsmarkt. Voornamelijk op niveau 1 en 2 van het mbo is er één jaar na het afstuderen een groot verschil: er zijn meer mannen die werk hebben.

 In het hoger onderwijs vallen de verschillen in arbeidsmarktpositie naar herkomstgroep meer op dan verschillen tussen mannen en vrouwen.

Afzenders