Mobiliteit naar achtergrondkenmerken

Hier vindt u informatie over welke leraren mobiel zijn tussen de onderwijssectoren.

Percentages gemiddelde mobiliteit per leeftijdsgroep 2013-2017
sectorleeftijdPercentage overstapper naar andere onderwijssectorPercentage vertrekkers uit PO, VO en MBOTotaal aantal personen
PO29 of jonger0,70%6,70%56.264
PO30-390,50%3,30%107.209
PO40-490,50%3,60%76.500
PO50-590,20%5,00%105.774
PO60 en ouder0,10%24,20%33.728
POTotaal0,40%6,20%379.475
VO29 of jonger1,20%7,50%33.060
VO30-390,80%3,80%52.597
VO40-490,70%3,70%46.012
VO50-590,40%3,50%62.159
VO60 en ouder0,20%19,40%27.999
VOTotaal0,60%6,20%221.813
MBO29 of jonger3,30%9,30%6.675
MBO30-391,50%5,90%15.256
MBO40-491,30%5,40%19.098
MBO50-590,60%4,00%34.002
MBO60 en ouder0,30%19,00%14.761
MBOTotaal1,10%7,50%89.785

Degenen van 60 jaar en ouder verlaten het vaakst de sector onderwijs. Daar zit een grote groep bij die met pensioen gaat. Jongeren (onder de 29 jaar) lijken daarna het meest mobiel voor de beweging naar het verlaten van de sector onderwijs en het meest mobiel voor het overstappen naar een andere onderwijssector. Ongetwijfeld zal hier ook bij meespelen dat beginnende docenten vaak tijdelijke contracten hebben en het niet altijd zelf in de hand hebben of zij in de betreffende onderwijssector kunnen blijven. En natuurlijk kan het gebeuren dat men pas later in de sector van keuze terecht kan.

Ook is te zien dat voor vrijwel alle leeftijdsgroepen geldt dat de leraren in het mbo relatief het vaakst vertrekken (zowel naar een andere onderwijssector als buiten de sector) en de leraren in het po het minst vaak. De enige uitzondering hierop zijn de leraren ouder dan 50 jaar die in het po het vaker vertrekken dan die in het vo en mbo.

DUO: Salarisadministraties van instellingen Brontabel als csv (721 bytes)
Man-vrouw verschillen bij overstappen 2013-2017
sectorSexePercentage overstapper naar andere onderwijssectorPercentage vertrekkers uit PO, VO en MBOTotaal aantal personen
POMan1,10%8,80%51.798
POVrouw0,30%5,80%327.677
VOMan0,60%6,70%106.695
VOVrouw0,70%5,70%115.118
MBOMan1,00%7,50%42.936
MBOVrouw1,10%7,40%46.849

Het po heeft te maken met een verhoudingsgewijs grote uitstroom van mannelijke leraren. Vooral de uitstroom naar een andere onderwijssector is bij mannen veel groter dan bij vrouwen. Het verschil is met name terug te voeren op de overstap naar het vo. Bij mannen doet 0,8% deze overstap, bij vrouwen 0,2%. Bij de andere onderwijssoorten zijn deze verschillen niet in deze mate terug te vinden. Wel is zowel bij het po als het vo te zien dat mannen vaker dan vrouwen uit de sector vertrekken.

DUO: Salarisadministraties van instellingen Brontabel als csv (301 bytes)

Eén vijfde tot één derde van de leraren die naar een andere sector overstappen is een jaar later al niet meer in die sector werkzaam. Zij veranderen vaker (nog een keer) van sector of stromen helemaal uit dan het geval is bij leraren die eerder niet mobiel waren. Opnieuw is het vo de belangrijkste bestemming van de leraren die in een andere onderwijssector gaan werken. Vooral vanuit het po stromen veel van de één jaar eerder ingestroomde leraren helemaal uit het onderwijs.

De mobiliteit binnen de sectoren is maar gedeeltelijk in beeld te brengen. Wat we in het DUO-bestand waar kunnen nemen zijn overgangen naar andere besturen. Als iemand binnen een bestuur overstapt naar een andere vestiging dan is dat niet te zien. Met name binnen grote besturen kunnen dit ook overgangen naar scholen op een behoorlijke afstand zijn.

Leraren die overstappen naar ander bestuur binnen de eigen sector Gemiddeld percentage en aantallen; per sector; 2013-2017
sector% Baan bij hetzelfde bestuur% Baan bij ander bestuurAantal baan bij ander bestuur
PO98,50%1,50%1.818
VO97,00%3,00%2.053
MBO99,20%0,80%212

Niet alleen tussen de onderwijssectoren, maar ook binnen elke onderwijssector is de mobiliteit van leraren gering. Binnen het vo verandert per jaar zo’n 3% van bestuur, binnen het po 1,5% en binnen het mbo bijna 1%. Bij het vo en po is daar in de periode 2013-2016 een licht stijgende trend in te zien.

DUO: Salarisadministraties van instellingen Brontabel als csv (160 bytes)

Nadat is vastgesteld of een leraar tussen twee opeenvolgende peilmomenten van werkgever is veranderd, is gekeken of die leraren op het volgende peilmoment nog bij het bestuur uit de voorafgaande meting werken. Dan blijkt, vergelijkbaar met degenen die van onderwijssector veranderen, dat leraren die tussen de eerste twee peilmomenten van werkgever veranderd zijn, relatief vaak in het jaar erop opnieuw veranderen van werkgever of de onderwijssector verlaten waarin zij werkzaam zijn.

Naarmate de leeftijd stijgt neemt het percentage leraren af dat binnen de sector van werkgever verandert. Onder de leraren onder de 30 is bij het po en vo het aandeel dat van werkgever verandert ongeveer twee keer zo groot als in leeftijd van 30-40 jaar en dat aandeel neemt daarboven nog verder af. De kans is groot dat hier bij jongeren de tijdelijke contracten een rol spelen. Tevens zijn zij in de levensfase waarop mensen makkelijker naar een andere stad verhuizen om zich daar, al dan niet in gezinsverband, te settelen.

Binnen het po en het mbo veranderen mannelijke leraren iets vaker van werkgever dan vrouwelijke, terwijl de situatie in het vo net andersom is.

Leraren die een andere functie hebben gekregen Gemiddeld percentage per jaar; naar sector; 2013 - 2017
sectorBaan in andere onderwijs sectorBaan bij ander bestuurBaan bij zelfde bestuur
PO13%6%0,60%
VO8%4%0,60%
MBO4%8%1,60%

Van de leraren die in dezelfde sector en bij hetzelfde bestuur zijn blijven werken, is 0,6% (po en vo) tot 1,6% (mbo) een jaar later geen leraar meer. Als mensen van baan veranderen gebeurt dat wat vaker.  Van de leraren die in een andere sector zijn gaan werken, varieert het percentage van 4 tot 13 procent. Omdat het aantal leraren dat in een andere sector gaat werken klein is, gaat het om een relatief klein aantal personen. Het veranderen van baan door bij een ander bestuur te gaan werken levert iets minder vaak een andere functie op, tussen de 4 en 8%. Voor het po en vo verandert de functie het meest bij een andere baan in een andere onderwijssector, voor het mbo bij een baan bij een ander bestuur.

DUO: Salarisadministraties van Instellingen Brontabel als csv (142 bytes)

Afzenders