Deelname aan LLL: relatie met werk

Volwassenen die werken nemen vaker deel aan leven lang leren. Niet alleen of volwassenen werken speelt een rol, ook andere arbeidskenmerken zoals de arbeidsrelatie, de grootte van het bedrijf/werkgever en de duur van de werkweek spelen een rol. Opleidingen worden vooral gevolgd om het huidige werk beter te kunnen doen en/of voor betere carrièrevooruitzichten.

Deelname aan leven lang leren in Nederland naar arbeidsmarktpositie (%) bekostigd en niet-bekostigd, 25 tot 65 jaar
werkzame beroepsbevolkingwerkloze beroepsbevolkingniet-beroepsbevolking
2007191911
2008191911
2009192011
2010191911
2011191811
2012191710
2013201710
2014201710
2015211811
2016211811
2017211812

Tot 2008 namen werkzame personen en werklozen relatief gezien evenveel deel aan leven lang leren. Maar sinds 2009 is deelname onder werklozen eerst aan het dalen en neemt sinds 2015 weer wat toe. Vanaf 2012 is de deelname onder werkzame personen aan het stijgen. Mensen die niet actief zijn (niet-beroepsbevolking), nemen relatief minder deel aan leven lang leren. Er is wel een stijging zichtbaar vanaf 2014.

Bron: EBB / BRON Brontabel als csv (242 bytes)
Deelname leven lang leren naar arbeidskenmerken (%) bekostigd en niet-bekostigd, 25 tot 65 jaar, 2017
duur opleiding 12 maanden of langerduur opleiding korter dan 12 maanden
aantal werknemers - 100 of meer814
aantal werknemers - 10 tot 100610
aantal werknemers - 1 tot 10510
werkweek - 35 uur en meer613
werkweek - 28 - 34 uur914
werkweek - 20 - 27 uur812
werkweek - 12 - 19 uur910
werkweek - 0 - 11 uur137
arbeidsrelatie - zelfstandigen510
arbeidsrelatie - flexibel dienstverband1411
arbeidsrelatie - vast dienstverband613

Opleidingen met een duur korter dan 12 maanden worden vooral door werknemers met een vast dienstverband gevolgd. Deze opleidingen worden meer gevolgd door werknemers met een grotere werkweek en werknemers bij grote bedrijven/werkgevers. Voor opleidingen met een duur van 12 maanden of langer valt op dat juist werknemers met een flexibel dienstverband hieraan deelnemen en werknemers met een kleinere werkweek.

Bron: EBB Brontabel als csv (466 bytes)
Deelname leven lang leren naar arbeidsmarktsector (%) bekostigd en niet-bekostigd, 25 tot 65 jaar, 2017
duur opleiding 12 maanden of langerduur opleiding korter dan 12 maanden
Cultuur, recreatie, overige diensten711
Overheid en zorg1016
Zakelijke dienstverlening711
Verhuur en handel van onroerend goed814
Financi��le dienstverlening822
Informatie en communicatie614
Handel, vervoer en horeca59
Bouwnijverheid39
Nijverheid (geen bouw) en energie410
Landbouw, bosbouw en visserij28

Ook de arbeidsmarktsector waarin mensen werken hangt samen met het al of niet volgen van een opleiding. Het deelnamepercentage is relatief hoog in de “financiële dienstverlening” en bij de “overheid en zorg”. Het is relatief laag in de sectoren “landbouw, bosbouw en visserij” en “bouwnijverheid”. Verschillen tussen arbeidsmarktsectoren zijn groter voor opleidingen met korte duur (<12 maanden) dan voor opleidingen met lange duur (> 12 maanden).

De gerelateerde grafieken geven een beeld van de belangrijkste redenen voor werkenden voor het volgen van een opleiding.  

Bron: EBB Brontabel als csv (410 bytes)
Belangrijkste redenen voor werkenden voor het volgen van een formele opleiding (%) 25 tot 65 jaar, 2016
reden formeel onderwijs
Werk beter doen58
Kennis-vaardigheden voor interesse79
Verplicht19
Carrierevooruitzichten verbeteren64
Kennis-vaardigheden voor dagelijks leven42
Kans op (andere) baan(beroep) vergroten57
Kans op baanverlies verkleinen18
Nieuwe mensen ontmoeten-plezier36
Certificaat-diploma behalen70
Om eigen bedrijf op te starten15

De belangrijkste redenen voor het volgen van een formele opleiding zijn het vergoten van kennis/vaardigheden voor eigen interesse en het behalen van een diploma/certificaat. Vaak worden redenen genoemd die te maken hebben met de loopbaan: carrièrevooruitzichten verbeteren, en kans op (andere) baan vergroten. Redenen die weinig genoemd worden zijn: verplichting, kans op baanverlies verkleinen en een eigen bedrijf op te starten.

Bron: AES Brontabel als csv (365 bytes)
Belangrijkste redenen voor werkenden voor het volgen van een niet-formele opleiding (%) 25 tot 65 jaar, 2016
reden niet-formeel onderwijs
Werk beter doen82
Kennis-vaardigheden voor interesse61
Verplicht50
Carrierevooruitzichten verbeteren44
Kennis-vaardigheden voor dagelijks leven41
Kans op (andere) baan(beroep) vergroten35
Kans op baanverlies verkleinen30
Nieuwe mensen ontmoeten-plezier26
Certificaat-diploma behalen26
Om eigen bedrijf op te starten6
Technische en of organisatorische veranderingen op het werk37,8
Vrijwilligerswerk beter doen4,7
Gezondheidsredenen5,1

Niet-formele opleidingen blijken vooral te worden gedaan om het functioneren van de huidige baan te verbeteren. In tegenstelling tot bij de formele opleiding, wordt verplichting vaak genoemd als reden voor het volgen van een niet-formele opleiding. Redenen die weinig genoemd worden zijn: een eigen bedrijf op te starten, vrijwilligers werk beter doen en gezondheidsredenen.

Bron: AES Brontabel als csv (496 bytes)
Veranderingen na het volgen van opleiding (%) 25 tot 65 jaar, 2016
Formele opleidingNiet-formele opleiding
Een nieuwe baan19,73,8
Promotie6,12,5
Hoger salaris8,53,9
Nieuwe taken24,817,6
Verbeterde prestaties in huidige werk37,537,1
Effecten op persoonlijk gebied62,272,5
Nog geen resultaten3,96,2

Werkenden die deelnemen aan een formele opleiding geven ruim 5 keer zo vaak aan dat ze een nieuwe baan kregen vergeleken met deelnemers aan een niet-formele opleiding. Ook geven zij vaker aan promotie te hebben gemaakt, een hoger salaris en nieuwe taken te hebben. Niet-formele opleidingen geven vaker effecten op persoonlijk gebied. Even vaak worden verbeterde prestaties in het huidige werk genoemd.

Bron: AES Brontabel als csv (254 bytes)

Afzenders