Deelname aan LLL: relatie met hoogst behaald onderwijsniveau en leeftijd

Leven lang leren is voor iedereen van groot belang. Bij hoogopgeleiden (hbo/wo) zijn de drempels om te blijven leren vaak wat lager. Daarnaast voelen zij de noodzaak waarschijnlijk scherper vanwege het kennisintensieve werk dat ze doen. Uit de cijfers blijkt dat hoogopgeleiden (hbo/wo) en jongvolwassenen vaker deelnemen aan leven lang leren dan laagopgeleiden en ouderen.

Deelname aan leven lang leren in Nederland naar hoogstbehaald onderwijsniveau (%) bekostigd en niet-bekostigd, 25 tot 65 jaar
LaagMiddelbaarHoog
200791724
200891824
200991824
2010*101723
2011111822
2012101722
2013*91825
201491826
201591926
201691826
201791826

* Meetmethodebreuk t.o.v. voorgaande jaren.

De grafiek toont de deelname bekostigd en niet-bekostigd leven lang leren naar hoogstbehaald onderwijsniveau. Voor hoogopgeleiden is een stijging vanaf 2011 te zien, terwijl voor middelbaar opgeleiden de deelname heel stabiel is en voor laagopgeleiden de deelname licht gedaald is en vanaf 2013 stabiel is. Er is een meetmethodebreuk in 2010 en 2013, wat betekent dat de trends met enige voorzichtigheid geduid moeten worden. 

Bron: EBB Brontabel als csv (183 bytes)
Niveau van niet-bekostigde formele opleiding naar hoogstbehaald onderwijsniveau (%) 25 tot 65 jaar, 2016
hbo-wohavo-vwombo4mbo2-3vmbo, mbo1, avo
vmbo, mbo1, avo02,38,253,336,2
mbo2-319,20,211,267,22,3
mbo432,701550,71,6
havo-vwo57,30,25,736,60,2
hbo-wo6501,233,30,5

De deelname van laagopgeleiden leidt vaak tot een verhoging van onderwijsniveau: bijna twee derde van de “vmbo, mbo1, avo”-opgeleiden volgt een opleiding op een niveau van mbo 2 of hoger. Voor de “mbo 2-3”-opgeleiden is dit anders: twee derde volgt een opleiding op hetzelfde niveau als hun eigen opleidingsniveau. Bij hoogopgeleiden valt op dat een op de drie deelnemers een opleiding volgt op mbo-niveau.

Bron: EBB / BRON Brontabel als csv (197 bytes)
Deelname aan niet-bekostigde formele opleiding naar vooropleiding (%) apart voor verschillende opleidingsniveaus, 25 tot 65 jaar, 2016
hbo-wohavo-vwombo4mbo2-3vmbo, mbo1, avo
vmbo, mbo1, avo7,60,44,45,881,8
mbo2-350,56,214,316,812,2
mbo415,78,236,123,916,1
havo-vwo0,05,40,06,688,0
hbo-wo80,67,97,53,90,0

Van degenen die een opleiding volgen op niveau “mbo 2-3” heeft 12% dit niveau nog niet eerder behaald, 17% heeft al eerder een “mbo 2-3”-opleiding afgerond  en 71% is hoger opgeleid. Deze opleidingen worden dus niet alleen gebruikt om een startkwalificatie te behalen. Deelnemers aan het niet-bekostigd formeel hoger onderwijs hebben voor het merendeel een hbo- of wo-vooropleiding.

Bron: EBB / BRON Brontabel als csv (206 bytes)
Deelname aan leven lang leren in Nederland naar leeftijd (%) bekostigd onderwijs, 2016
totaal
25 tot en met 29 jaar15
30 tot en met 34 jaar3
35 tot en met 39 jaar1
40 tot en met 49 jaar1
50 tot en met 64 jaar0

Veruit het grootste gedeelte (85%) van de deelnemers volgt scholing die niet bekostigd wordt door de overheid. Een klein deel (15%) volgt door de overheid bekostigde scholing/onderwijs. Bij de leeftijdsgroep 25-29 jaar is dit vaak nog initieel onderwijs (9 procent). Oudere volwassenen nemen minder vaak deel aan leven lang leren dan jongere volwassenen. Zowel bij bekostigd als bij niet-bekostigd onderwijs (zie gerelateerde grafiek).

Bron: EBB / BRON Brontabel als csv (135 bytes)
Deelname aan leven lang leren in Nederland naar leeftijd (%) niet-bekostigd onderwijs, 2016
totaal
25 tot en met 29 jaar18
30 tot en met 34 jaar18
35 tot en met 39 jaar18
40 tot en met 49 jaar17
50 tot en met 64 jaar13
Bron: EBB / BRON Brontabel als csv (139 bytes)

Afzenders