Personeelssterkte wetenschappelijk onderwijs

De universiteiten zijn zelf verantwoordelijk voor het te voeren en te ontwikkelen personeelsbeleid. Zo zijn universiteiten vrij om personeel voor onderwijs en/of onderzoek in te zetten. De grafieken geven inzicht in het aantal en het soort aanstellingen bij universiteiten.

Personeelssterkte wo

Personeelssterkte wo Aantal fte's (x 1.000)
TotaalOndersteunend en beheerspersoneel (OBP)Wetenschappelijk personeel (WP)
20144117,223,8
201541,717,424,2
201642,617,824,8
201743,818,325,5
201844,818,826

Tussen 2014 en 2018 steeg de universitaire personeelssterkte van 41.000 naar 44.800 fte. Gemeten is de  personeelssterkte exclusief personeel verbonden aan de medische faculteiten (zie ook metadata). Zowel bij het wetenschappelijk personeel als bij het ondersteunend personeel was sprake van een stijging van ca. 9 procent. 

Bron: VSNU; WOPI Brontabel als csv (285 bytes)
Personeelssterkte wetenschappelijk personeel Aantal fte's (x 1.000)
Hoogleraar (HGL)Universitair hoofddocent (UHD)Universitair docent (UD)Overig wetenschappelijk personeel (OVWP)Promovendus (PROM)
20142,52,14,56,58,2
20152,62,14,76,78,1
20162,62,24,96,98,2
20172,72,357,18,4
20182,82,45,27,18,5

Het wetenschappelijk personeel bestaat uit hoogleraren, universitair hoofddocenten, universitair docenten, overig wetenschappelijk personeel en promovendi. De grootste groep bestaat uit promovendi (8.500 fte's in 2018). De universitair hoofddocenten vormen de kleinste groep (2.400 fte's in 2018 ). De omvang van het wetenschappelijk personeel is de afgelopen jaren licht toegenomen en ligt rond de 26.000 fte's in 2018. Bij alle aanstellingssoorten was sprake van een lichte stijging in de periode 2014-2018.

Bron: VSNU; WOPI Brontabel als csv (385 bytes)

Afzenders