Totale uitgaven aan wetenschappelijk onderwijs

De overheid, bedrijven, huishoudens en organisaties in het buitenland geven geld uit aan universiteiten voor onderwijs en onderzoek of voor het (laten) volgen van wetenschappelijk onderwijs (wo).

Hieronder staan de uitgaven van iedere economische sector en de ontwikkeling in de totale uitgaven aan wetenschappelijk onderwijs. Daarnaast worden de uitgaven aan de universiteiten beschreven, met onder ‘Gerelateerde grafieken’ de uitgaven aan universiteiten per student. De uitgaven per student worden zowel inclusief als exclusief de onderzoeksgelden getoond die universiteiten ontvangen.

Totale uitgaven aan wetenschappelijk onderwijs Per economische sector, mld euro
OverheidHuishoudensBedrijvenBuitenland
200030,30,40,1
200540,60,50,1
20104,70,70,70,2
20155,310,80,4
2016*5,60,70,80,4

In het wetenschappelijk onderwijs (wo) zijn huishoudens, bedrijven en organisaties in het buitenland in 2016 verantwoordelijk voor 25% van de totale uitgaven. Dit is 1,9 miljard euro. Voor huishoudens met studerende kinderen zijn de collegegelden de grootste onderwijsuitgave. Bedrijven en organisaties in het buitenland geven vooral geld uit aan contractonderzoek dat wordt uitgevoerd door universiteiten. De overheid bekostigd universiteiten voor het onderwijs en onderzoek dat ze wettelijk verplicht zijn uit te voeren. Daarnaast betaalt de overheid universiteiten voor contractonderzoek.  In 2016 heeft het ministerie van OCW 791 miljoen euro in totaal vooruitbetaald aan de vervoersbedrijven voor de OV-studentenkaart van 2017 en 2018. Hierdoor zijn de overheidsuitgaven in 2016 een stuk hoger dan in 2015 en wordt de ontwikkeling van 2015 naar 2016 vertekend.

CBS Brontabel als csv (149 bytes)
Ontwikkeling totale uitgaven aan wetenschappelijk onderwijs In lopende prijzen, in prijzen van 2000, mld euro
Lopende prijzenPrijspeil 2000
20003,93,9
20014,13,9
20024,54,1
20034,74,3
20044,94,4
20055,24,5
20065,24,5
20075,54,7
20085,84,8
20096,25,1
20106,45,2
20116,85,5
20126,85,5
201375,6
20147,15,6
20157,55,8
2016*7,65,9

Aan het wetenschappelijk onderwijs is in 2016 in totaal 7,6 miljard euro uitgegeven. In prijzen van het jaar 2000 zijn de uitgaven in 2016 bijna 50 miljoen euro hoger dan in 2015.

CBS Brontabel als csv (270 bytes)
Uitgaven aan universiteiten Mld euro
Totale uitgaven aan onderwijsinstellingen
20003,7
20013,9
20024,3
20034,5
20044,6
20054,9
20065
20075,2
20085,6
20095,9
20106
20116,3
20126,5
20136,6
20146,7
20157
2016*7,1

De uitgaven in het wo zijn voor het grootste deel uitgaven aan de universiteiten. In 2016 zijn deze uitgaven 150 miljoen euro hoger dan in 2015. De universiteiten hebben in 2016 meer Rijksbekostiging ontvangen voor onderzoek (114 miljoen euro) en meer middelen van overheden, bedrijven en buitenland voor het uitvoeren van contractonderzoek (40 miljoen euro). Huishoudens en bedrijven hebben daarentegen in 2016 samen 15 miljoen euro minder uitgegeven aan universitaire opleidingen bij particuliere onderwijsinstellingen.

CBS Brontabel als csv (209 bytes)
Uitgaven aan universiteiten per student Inclusief en exclusief onderzoeksgelden, euro
Inclusief onderzoeksgeldenExclusief onderzoeksgelden
2000200478006
2001206677790
2002216248367
2003216448454
2004214978641
2005216548477
2006218908573
2007219418921
2008228489094
2009230879025
2010228219352
2011232548937
2012237709831
2013241999807
2014238789377
2015237419364
2016*239269229

In de periode 2000-2016 zijn zowel de uitgaven aan universiteiten als het aantal studenten in het wo gestegen. In 2016 bedragen de uitgaven aan universiteiten per student (publieke en private uitgaven, exclusief de onderzoeksgelden) 9.229 euro.  Als de uitgaven aan universiteiten voor onderzoek worden meegeteld, dan zijn de uitgaven per student in 2016 23.926 euro.

CBS Brontabel als csv (346 bytes)

Afzenders