Eindexamens voortgezet onderwijs

De eindexamens zijn de afsluiting van het voortgezet onderwijs.

Aan het eind van het laatste schooljaar worden de centrale eindexamens afgenomen. Een combinatie van de resultaten van deze eindexamens en de schoolexamens die door een aantal schooljaren heen worden afgenomen, bepalen of een leerling slaagt voor het voortgezet onderwijs en zijn of haar diploma haalt.

In de eerste grafiek is het slaagpercentage van de leerlingen voor verschillende onderwijssoorten te zien. Onder 'Gerelateerde grafieken' zijn het gemiddelde cijfer voor de centrale examens en het gemiddelde cijfer voor de schoolexamens te vinden. Ook is hier het slaagpercentage te vinden naar sociaaleconomische positie van de leerlingen.

In de tweede grafiek staat het gemiddelde eindexamencijfer voor het kernvak Nederlands, en onder 'Gerelateerde grafieken' die voor de andere kernvakken Engels en Wiskunde.

Slaagpercentage Per onderwijssoort en totaal
vmbohavovwototaal %
200895.0%89.4%92.2%93.1%
200994.9%86.9%91.1%92.2%
201094.5%85.7%89.3%91.2%
201193.7%85.6%88.9%90.6%
201292.3%86.7%87.5%89.8%
201392.9%88.0%91.9%91.4%
201494.5%87.9%89.8%91.8%
201595.2%87.6%92.4%92.6%
201695.2%88.6%91.2%92.7%

Over de jaren heen wordt het hoogste slaagpercentage gehaald in het vmbo, gevolgd door vwo en havo. Er was al geruime tijd sprake van een dalende tendens toen in 2012 de eerste strengere exameneisen van kracht werden. Van te voren werd gevreesd voor een sterke daling van het aantal geslaagde leerlingen. De slaagpercentages bleken in dat jaar echter maar licht te zijn gedaald en in het havo zelfs te zijn gestegen. Bij de eindexamens in 2013 kwam er een eind aan de dalende tendens en was er juist een opvallende stijging van het slaagpercentage in alle schooltypen, vooral in het vwo (+4.4%). In de jaren erna is het slaagpercentage in het vmbo verder gestegen om in 2016 te stabiliseren. In het havo daalde het slaagpercentage na 2013 enigszins om in 2016 met 1% te stijgen ten opzichte van 2015. In het vwo zien we een wisselend beeld: in 2014 was er eerst een aanzienlijke daling (-2.1%) terwijl er 2015 weer sprake was van een opvallende stijging (+2.6%). In 2016 zien we weer een daling en wel met 1.2%. Het slaagpercentage voor de totale groep kandidaten is in 2016 met 0.1% gestegen en ligt nu op 92.7%, het hoogste percentage sinds 2008.

DUO: Examenmonitor VO 2016 Brontabel als csv (295 bytes)
Gemiddeld cijfer voor het centraal examen Per schooltype
vmbo bvmbo kvmbo gthavovwo
20086.446.246.266.296.32
20096.426.156.306.196.32
20106.436.176.256.136.27
20116.326.096.106.156.26
20126.576.306.296.306.40
20136.626.276.276.476.59
20146.666.306.406.376.44
20156.706.326.506.356.56
20166.686.356.406.406.52

Bij het cijfer voor het centraal eindexamen was vanaf 2007 sprake van een dalende tendens. Deze tendens werd in 2012 doorbroken toen er een opvallende stijging te zien was op het moment dat de strengere exameneis ten aanzien van het gemiddelde examencijfer werd ingevoerd.
In examenjaar 2013 werd de kernvakkenregel ingevoerd in havo/vwo. In dat jaar stegen in havo/vwo de cijfers verder en trad in het vmbo een stabilisatie op. Van 2013 tot 2015 zijn de examencijfers in alle leerwegen van het vmbo gestegen. In die periode zijn de cijfers in het vwo per saldo gelijk gebleven maar in het havo gedaald. De gegevens van het eindexamen 2016 laten bij het havo weer een stijging zien evenals in vmbo-kb. De ce-cijfers in de overige onderwijsvormen zijn gedaald, het sterkst in vmbo-gt (-0.1 punt).

DUO: Examenmonitor VO 2016 Brontabel als csv (312 bytes)
Gemiddeld cijfer schoolexamen Per schooltype
vmbo bvmbo kvmbo gthavovwo
20086.586.616.626.506.89
20096.576.606.616.446.87
20106.556.586.606.426.83
20116.526.556.576.426.80
20126.496.516.546.416.78
20136.496.516.546.436.77
20146.496.516.556.456.79
20156.496.526.576.446.80
20166.506.546.586.456.80

De gemiddelde schoolexamencijfers zijn in 2016 nauwelijks veranderd ten opzichte van eerdere examenjaren. Na de licht dalende tendens die in de periode tot 2012 te zien was, treedt nu een stabilisatie of een zeer lichte stijging op. 

DUO: Examenmonitor VO 2016 Brontabel als csv (312 bytes)
Slaagpercentage naar hoogste opleidingsniveau van de ouders 2013/14
Vmbo-bVmbo-kVmbo-g/lVmbo-tHavoVwoTotaal
Basisonderwijs, vmbo, avo onderbouw, mbo 195,80%92,40%85,90%90,30%80,80%75,90%89,30%
Havo, vwo, mbo97,10%95,80%92,40%94,20%87,10%87,50%92,00%
Hbo-, wo-bachelor98,50%97,00%95,10%95,10%90,60%91,40%92,80%
Hbo-, wo-master, doctor95,20%97,70%90,60%94,90%92,00%92,80%93,10%
Totaal96,80%94,80%91,60%93,60%87,90%89,70%91,80%

Voor de meeste onderwijssoorten geldt dat hoe hoger het opleidingsniveau van de ouders is, hoe hoger het slaagpercentage. Het sterkst is dit te zien voor het havo en het vwo. Uitzonderingen zijn er ook. Zo is het slaagpercentage op vmbo-b het laagste voor leerlingen met de hoogst opgeleide ouders (overigens is deze groep erg klein). Bij vmbo-t varieert het slaagpercentage niet zo veel, behalve dat het lager is voor leerlingen met laagopgeleide ouders.

CBS Brontabel als csv (406 bytes)
Slaagpercentage naar huishoudinkomen 2013/14
Vmbo-bVmbo-kVmbo-g/lVmbo-tHavoVwoTotaal
Laagste tertiel95,90%92,90%88,40%92,00%83,80%83,80%90,30%
Midden97,50%95,60%92,30%93,80%87,50%88,60%92,10%
Hoogste tertiel98,10%96,50%93,50%94,90%89,80%91,70%92,60%
Totaal96,80%94,80%91,60%93,60%87,90%89,70%91,80%

Voor alle onderwijssoorten geldt dat hoe hoger het huishoudinkomen, hoe hoger het slaagpercentage. Het sterkst is dit te zien voor vmbo-g/l, havo en vwo.

CBS Brontabel als csv (294 bytes)
Slaagpercentage naar herkomst leerlingen 2013/14
Vmbo-bVmbo-kVmbo-g/lVmbo-tHavoVwoTotaal
Totaal96,80%94,80%91,60%93,60%87,90%89,70%91,80%
Autochtoon98,00%96,00%93,50%94,90%89,30%91,20%93,00%
Marokko93,70%91,00%73,50%87,20%79,80%72,20%86,80%
Turkije92,20%87,20%72,40%84,70%70,20%64,60%82,80%
Suriname94,90%91,40%81,40%87,40%80,20%76,60%86,70%
Ned. Antillen en Aruba97,00%93,20%85,70%90,70%85,90%87,40%91,10%
Ov. Niet-Westers95,40%92,10%84,50%90,30%81,90%81,70%87,40%
Ov. Westers96,10%94,20%88,10%93,00%85,70%88,50%90,40%

Er zijn grote verschillen in slaagpercentage tussen leerlingen van verschillende herkomst. De verschillen zijn het grootst bij vmbo-g en vwo en het kleinst bij vmbo-b en vmbo-k. Opvallend is dat voor leerlingen van Turkse herkomst het slaagpercentage bij alle onderwijssoorten het laagste is.

CBS Brontabel als csv (543 bytes)
Gemiddeld eindexamencijfer Nederlands, per schoolsoort
vmbo bvmbo kvmbo gthavovwo
20086,436,236,236,126,36
20096,416,056,236,026,42
20106,386,176,575,996,12
20116,326,025,936,016,22
20126,476,156,276,156,31
20136,636,156,226,216,46
20146,526,186,266,316,46
20156,636,086,336,026,02
20166,626,176,296,236,13

In het vorige examenjaar traden er grote verschillen op in de resultaten voor het vak Nederlands. In het havo was het gemiddeld ce-cijfer met 0.29 punt gedaald en in het vwo zelfs met 0.44 punt. De ontwikkeling in het vwo kan verklaard worden uit het feit dat in 2015 de normering is afgestemd op de cesuren die horen bij de referentieniveaus. Dit betekende dat aan de kandidaten hogere prestatie-eisen werden gesteld. In 2016 zien we in havo en vwo weer een hoger niveau met resp. 0.21 en 0.11 punt. In het cijfer voor het centraal examen Nederlands in vmbo-kb is er een lichte stijging. In vmbo-bb is het niveau vrijwel onveranderd terwijl in vmbo-gt er een lichte daling is.

DUO: Examenmonitor VO 2016 Brontabel als csv (312 bytes)
Gemiddeld eindexamencijfer Engels, per schoolsoort
vmbo bvmbo kvmbo gthavovwo
20086,746,346,196,516,25
20096,676,226,466,216,43
20106,756,336,346,116,35
20116,646,366,496,146,18
20126,866,366,296,246,32
20136,956,36,296,696,89
20147,016,346,736,886,77
20157,156,436,696,826,97
20167,026,46,646,847,03

Het ce-cijfer voor het vak Engels is sinds 2011 aanzienlijk gestegen, waarbij er met name in 2013 sprake was van een opvallende toename. In de jaren erna zijn de veranderingen beperkt gebleven. Ook in 2016 zien we maar een klein verschil met het voorafgaande jaar. In het vmbo is het cijfer gedaald en in havo/vwo is er sprake van een lichte stijging.

DUO: Examenmonitor VO 2016 Brontabel als csv (310 bytes)
Gemiddeld eindexamencijfer Wiskunde, per schoolsoort
vmbo bvmbo kvmbo gthavovwo
20086,636,336,576,566,36
20096,666,146,416,366,29
20106,536,076,156,26,34
20116,425,986,16,276,34
20126,756,296,416,416,52
20136,746,256,366,476,9
20146,826,246,516,596,64
20156,826,536,996,647,05
20166,996,436,516,596,93

Bij het centraal examen in 2012 bleek het wiskundecijfer over de hele linie aanzienlijk te zijn gestegen. Ook in de examenjaren erna bleven de cijfers stijgen (al dan niet met tussentijdse schommelingen). In 2015 werd er in alle schooltypen voorlopig een nieuw hoogste gemiddeld ce-cijfer behaald. De resultaten in 2016 laten met uitzondering van vmbo-bb (+0.17 punt ) weer een daling zien. De daling is het sterkst in vmbo-gt (-0.48 punt). De daling in de andere onderwijsvormen is beperkt (maximaal 0.12 punt).

DUO: Examenmonitor VO 2016 Brontabel als csv (309 bytes)

Afzenders