Eindexamens voortgezet onderwijs

De eindexamens zijn de afsluiting van het voortgezet onderwijs.

Aan het eind van het laatste schooljaar worden de centrale eindexamens afgenomen. Een combinatie van de resultaten van deze eindexamens en de schoolexamens die door een aantal schooljaren heen worden afgenomen, bepalen of een leerling slaagt voor het voortgezet onderwijs en zijn of haar diploma haalt.

In de eerste grafiek is het slagingspercentage van de leerlingen voor verschillende onderwijssoorten te zien. Onder 'Gerelateerde grafieken' zijn het gemiddelde cijfer voor de centrale examens en het gemiddelde cijfer voor de schoolexamens te vinden. Ook is hier het slagingspercentage te vinden naar sociaaleconomische positie van de leerlingen en de diplomaverdeling naar het opleidingsniveau van ouders.

In de tweede grafiek staat het gemiddelde eindexamencijfer voor het kernvak Nederlands, en onder 'Gerelateerde grafieken' die voor de andere kernvakken Engels en Wiskunde.

Slaagpercentage

Slaagpercentage Per onderwijssoort en totaal
vmbo-bbvmbo-kbvmbo-gthavovwototaal %
201496.8%95.0%93.4%87.9%89.8%91.8%
201597.5%95.3%94.3%87.6%92.4%92.6%
201697.7%95.8%94.0%88.6%91.2%92.7%
201798.1%96.0%92.9%87.2%91.0%92.0%
201897.8%95.2%92.5%88.1%91.9%92.1%

Over de jaren heen wordt het hoogste slaagpercentage gehaald in het vmbo, gevolgd door vwo en havo. Ten opzichte van 2017 is het slaagpercentage in 2018 licht gedaald in het vmbo en licht gestegen in het havo en vwo. Het slaagpercentage voor de totale groep kandidaten is in 2018 met 0.1% gestegen en ligt nu op 92.1%.

DUO: Examenmonitor VO 2018 Brontabel als csv (380 bytes)
Gemiddeld cijfer voor het centraal examen Per schooltype
vmbo-bbvmbo-kbvmbo-gthavovwo
20096.426.156.306.196.32
20106.436.176.256.136.27
20116.326.096.106.156.26
20126.576.306.296.306.40
20136.626.276.276.476.59
20146.666.306.406.376.44
20156.706.326.506.356.56
20166.686.356.406.406.52
20176.826.356.376.336.54
20186.716.326.336.356.55

In 2018 is in alle leerwegen in het vmbo het gemiddeld cijfer gedaald. De sterkste daling treedt op bij vmbo-bb (-0,11 punt). In het vorige jaar was dit cijfer juist opvallend gestegen. In havo en vwo is er een lichte stijging met respectievelijk 0,02 en 0,01 punt.

DUO: Examenmonitor VO 2018 Brontabel als csv (376 bytes)
Gemiddeld cijfer schoolexamen Per schooltype
vmbo-bbvmbo-kbvmbo-gthavovwo
20096.576.606.616.446.87
20106.556.586.606.426.83
20116.526.556.576.426.80
20126.496.516.546.416.78
20136.496.516.546.436.77
20146.496.516.556.456.79
20156.496.526.576.446.80
20166.506.546.586.456.80
20176.506.556.596.456.79
20186.506.626.586.456.78

De gemiddelde schoolexamencijfers zijn in 2018 nauwelijks veranderd ten opzichte van eerdere examenjaren. Voor het vmbo-gt en het vwo geldt een daling van 0,01 punt, bij het vmbo-bb en het havo blijft het gemiddelde cijfer gelijk en voor het vmbo-kb geldt een stijging van 0,07 punt.

DUO: Examenmonitor VO 2018 Brontabel als csv (377 bytes)
Slagingspercentage naar hoogste opleidingsniveau van de ouders 2016/17
Vmbo-bVmbo-kVmbo-gVmbo-tHavoVwoTotaal
max. mbo 196,794,287,99079,181,190
mbo2-4, havo, vwo98,596,289,69386,188,392
hbo-of wo-bachelor.97,292,294,58991,292,2
hbo- of wo-master, doctor.96,791,395,290,493,793,1
totaal9895,99093,287,29191,9

Voor de meeste onderwijssoorten geldt: hoe hoger het opleidingsniveau van de ouders, hoe hoger het slagingspercentage. Het duidelijkst is dit te zien voor het havo en het vwo. Hier is het slagingspercentage van degenen met de laagst opgeleide ouders ca. 10%-punten lager dan het slagingspercentage van degenen met de hoogst opgeleide ouders. Bij vmbo-basis varieert het slaagpercentage niet zo veel, behalve dat het wat lager is voor leerlingen met de laagst opgeleide ouders.

CBS Brontabel als csv (285 bytes)
Slagingspercentage naar huishoudensinkomen 2016/17
Vmbo-basisberoepsVmbo-kaderberoepsVmbo-gemengdVmbo-theoretischHavoVwoTotaal
eerste tertiel97,494,687,990,783,286,490,8
middelste tertiel98,796,590,493,686,689,992,1
hoogste tertiel98,397,091,394,789,392,592,6
totaal98,095,990,093,287,291,091,9

Voor bijna alle onderwijssoorten geldt: hoe hoger het huishoudensinkomen, hoe hoger het slagingspercentage. Voor vmbo-b is het slagingspercentage bij kinderen uit het middelste tertiel net iets hoger dan die uit het hoogste tertiel.

CBS Brontabel als csv (284 bytes)
Slagingspercentage naar migratieachtergrond 2016/17
Vmbo-bVmbo-kVmbo-gVmbo-tHavoVwoTotaal
Nederlandse achtergrond98,696,790,994,488,592,392,9
Marokkaanse migr.96,893,280,886,175,877,487,1
Turkse migr.94,991,782,583,475,171,385,4
Surinaamse migr.97,394,984,389,879,677,488,0
Antiliaanse migr.97,793,289,591,278,288,190,2
Overig niet-westerse migr.96,694,482,190,579,782,887,7
Overig westerse migr.97,894,589,192,087,089,891,0

Er zijn verschillen in het slagingspercentage tussen examenkandidaten van verschillende migratieachtergronden. De verschillen in het slagingspercentage zijn het grootst bij vmbo-t, havo en vwo en het kleinst bij vmbo-b en vmbo-k. Het slagingspercentage van examenkandidaten met een Turkse migratieachtergond zijn het laagste: bij alle onderwijssoorten, met uitzondering van vmbo-g, is het slagingspercentage lager dan dat van examenkandidaten met een andere migratieachtergrond.

CBS Brontabel als csv (437 bytes)
Verdeling van geslaagden naar hoogste opleidingsniveau van de ouders 2016/17
Vmbo-bVmbo-kVmbo-gVmbo-tHavoVwo
max. mbo 12424.27156
mbo2-4, havo, vwo14204292310
hbo-of wo-bachelor5103263324
hbo- of wo-master, doctor242173144
totaal11153262519

In 2016/'17 behaalden 26% van de geslaagden een diploma vmbo-b of vmbo-k. Bij de geslaagden met de laagst opgeleide ouders was dit 48% en bij de geslaagden met de hoogst opgeleide ouders 6%. Anderzijds behaalden 21% van de geslaagden met de laagst opgeleide ouders een havo- of vwo-diploma tegen 75% van de geslaagden met de hoogst opgeleide ouders.

CBS Brontabel als csv (206 bytes)

Gemiddeld eindexamencijfer Nederlands, per schoolsoort

Gemiddeld eindexamencijfer Nederlands, per schoolsoort
vmbo-bbvmbo-kbvmbo-gthavovwo
20096,416,056,236,026,42
20106,386,176,575,996,12
20116,326,025,936,016,22
20126,476,156,276,156,31
20136,636,156,226,216,46
20146,526,186,266,316,46
20156,636,086,336,026,02
20166,626,176,296,236,13
20176,86,216,176,266,18
20186,646,126,246,176,19

In het examenjaar 2015 traden er grote verschillen op in de resultaten voor het vak Nederlands. In het havo was het gemiddeld ce-cijfer met 0.29 punt gedaald en in het vwo zelfs met 0.44 punt. De ontwikkeling in het vwo kan verklaard worden uit het feit dat in 2015 de normering is afgestemd op de cesuren die horen bij de referentieniveaus. Dit betekende dat aan de kandidaten hogere prestatie-eisen werden gesteld. In 2016 en 2017 zien we in havo en vwo weer een hoger niveau. In 2018 laat het cijfer voor het centraal examen Nederlands een daling zien in het vmbo-bb (-0,16), vmbo-kb (-0,09) en het havo (-0,09), terwijl een stijging is opgetreden in het vmbo-gt (+0,07) en het vwo (+0,01).

DUO: Examenmonitor VO 2018 Brontabel als csv (375 bytes)
Gemiddeld eindexamencijfer Engels, per schoolsoort
vmbo-bbvmbo-kbvmbo-gthavovwo
20096,676,226,466,216,43
20106,756,336,346,116,35
20116,646,366,496,146,18
20126,866,366,296,246,32
20136,956,36,296,696,89
20147,016,346,736,886,77
20157,156,436,696,826,97
20167,026,46,646,847,03
20177,326,616,796,917,05
20187,236,516,66,936,99

Het ce-cijfer voor het vak Engels is sinds 2011 aanzienlijk gestegen, waarbij er met name in 2013 sprake was van een opvallende toename. In de jaren erna zijn de veranderingen beperkt gebleven. In 2017 zien we voor alle niveaus weer een stijging. In 2018 laat het cijfer voor het centraal examen Engels een daling zien in het vmbo en het vwo, alleen bij het havo treedt een lichte stijging op.

DUO: Examenmonitor VO 2018 Brontabel als csv (373 bytes)
Gemiddeld eindexamencijfer Wiskunde, per schoolsoort
vmbo-bbvmbo-kbvmbo-gthavovwo
20096,666,146,416,366,29
20106,536,076,156,26,34
20116,425,986,16,276,34
20126,756,296,416,416,52
20136,746,256,366,476,9
20146,826,246,516,596,64
20156,826,536,996,647,05
20166,996,436,516,596,93
20176,836,176,416,387,05
20186,636,256,586,486,96

Bij het centraal examen in 2012 bleek het wiskundecijfer over de hele linie aanzienlijk te zijn gestegen. Ook in de volgende examenjaren bleven de cijfers toenemen (al dan niet met tussentijdse schommelingen). In 2015 werd er in alle schooltypen voorlopig een nieuw hoogste gemiddeld ce-cijfer behaald. Met uitzondering van vmbo-bb trad er daarna een duidelijke daling op. In 2018 laat het cijfer voor het centraal examen Wiskunde een daling zien in het vmbo-bb (-0,20) en het vwo (-0,09), terwijl er een stijging is opgetreden in het vmbo-kb (+0,08), vmbo-gt (+0,17) en het havo (+0,10).

DUO: Examenmonitor VO 2018 Brontabel als csv (373 bytes)

Afzenders