Prognoses arbeidsmarkt po

Voor goed onderwijs is het belangrijk dat er voldoende en kwalitatief geschikte leraren zijn. Om voorbereid te zijn op de toekomstige ontwikkelingen op de arbeidsmarkt laat OCW jaarlijks arbeidsmarktramingen uitvoeren.

De hier gepresenteerde ramingen geven een beeld van de arbeidsmarkt voor leraren in de komende jaren, uitgaande van de huidige situatie. Als daarbij tekorten worden verwacht, houdt deze voorspelling niet in dat klassen massaal leeg zullen staan. Er wordt slechts voorspeld dat, onder de nu bekende omstandigheden, er meer leraren nodig zijn om aan de vraag te voldoen dan er gevonden kunnen worden.

Door het ministerie van OCW wordt jaarlijks geraamd wat de leerlingaantallen in het primair onderwijs de komende  jaren zullen zijn. De bevolkingsprognoses van het CBS dienen als basis voor de ramingen. Uitgaande van dezelfde verhouding tussen leerlingen en leraren als momenteel, kan worden berekend wat de geraamde aantallen benodigde leraren in fte de komende jaren zullen zijn.

Ramingen totaal (zittend en evt. nieuw) benodigde leraren in het po

Ramingen totaal (zittend en evt. nieuw) benodigde leraren in het po In duizenden fte, periode 2019-2029
fte x 1000
201989,8
202089,4
202188,8
202288,2
202387,7
202487,6
202588
202688,5
202789,2
202890,1
202991,2

De leerlingendaling in het primair onderwijs zal de komende jaren beduidend minder sterk zijn dan in de afgelopen jaren. Vanaf 2025 wordt weer een stijgende trend voorzien. In bovenstaande figuur is te zien dat de behoefte aan leraren daarmee gelijke tred houdt.

Bij het bestaande lerarenkorps vindt uitstroom plaats om verschillende redenen (met als belangrijkste pensioen). Om aan de bovenstaande aantallen te kunnen komen, wordt bij de instroom in de sector voornamelijk geleund op de afgestudeerden van lerarenopleidingen. Als er onvoldoende gediplomeerde instroom mogelijk is ontstaat er onvervulde vraag, oftewel tekorten.

Bron: CentERdata Brontabel als csv (132 bytes)

Verwachte tekorten aan leraren en directeuren in het po

Verwachte tekorten aan leraren en directeuren in het po In fte, periode 2019-2029
fte
20190
2020161
2021543
2022799
20231162
20241970
20253112
20264247
20275479
20286554
20298108

Deze figuur toont de geraamde tekorten aan benodigde fte's, met de juiste diplomering, bovenop de huidige situatie (huidig tekort kunnen we niet in cijfers uitdrukken aangezien we daar geen gegevens over hebben) . Het gaat hier om de vervanging van de uitstroom uit het onderwijs en de eventuele uitbreiding van het onderwijspersoneel. De tekorten tegen 2029 lopen dusdanig op dat de opstellers van de ramingen (CentERdata) waarschuwen dat dit buiten het geldigheidsgebied van de gebruikte modellen valt. Bij dergelijke geraamde tekorten is het namelijk niet meer aannemelijk dat alle omstandigheden ongewijzigd blijven. Kijken we minder ver vooruit, dan is te zien dat volgens de ramingen in 2024 een tekort van ruim 1.970 fte aan leraren en directeuren in het primair onderwijs boven de huidige situatie zal ontstaan bij ongewijzigde omstandigheden. 

Bron: CentERdata Brontabel als csv (121 bytes)

Onderstaand figuur geeft een indicatie van de verwachte tekorten per regio. Deze tekorten worden uitgedrukt in vacaturedruk. De vacaturedruk is het aandeel verwacht tekort van de totale werkgelegenheid voor leraren binnen een regio.

Verwachte vacaturedruk voor leraren en directeuren in het po, per rpa-regio

Verwachte vacaturedruk voor leraren en directeuren in het po, per rpa-regio Onvervulde vraag in procenten van de werkgelegenheid naar rpa, in 2024
Vacaturegraaddruk po leraren plus directeuren2024
Groningen1,60%
Friesland1,10%
Drenthe1,00%
Regio Zwolle0,50%
Twente0,70%
Noord-Holland-Noord1,10%
Zaanstreek-Waterland1,50%
Zuid-Kennemerland en IJmond2,10%
Groot Amsterdam1,10%
Gooi en Vechtstreek2,10%
Amsterdam7,10%
Flevoland1,00%
Almere5,10%
Stedendriehoek en Noordwest-Veluwe1,50%
FoodValley2,30%
Amersfoort0,20%
Midden-Utrecht3,40%
Stad Utrecht3,30%
Holland Rijnland2,00%
Zuid-Holland Centraal0,70%
Haaglanden1,80%
Midden-Holland1,20%
s-Gravenhage2,60%
Rijnmond2,20%
Drechtsteden0,90%
Gorinchem0,30%
Rotterdam4,20%
Rivierenland2,30%
Rijk van Nijmegen2,70%
Midden-Gelderland1,80%
Achterhoek1,60%
Zeeland1,50%
West-Branbant2,20%
Midden-Brabant1,20%
Noordoost-Brabant1,90%
Zuidoost-Brabant2,10%
Helmond-De Peel1,10%
Noord-Limburg0,90%
Midden-Limburg0,20%

Weinig arbeidsmarktregio's (rpa-gebied, Regionaal Platform Arbeidsmarkt) hebben een lage verwachte vacaturedruk in 2024. Wel zijn er regionale verschillen. De problematiek is, zoals verwacht, groter in regio’s met een groeiend aantal leerlingen en neemt af naarmate de leerlingdaling groter is.

Bron: CentERdata Brontabel als csv (887 bytes)

Omdat de ramingen ook een signaalfunctie hebben, zorgen zij ervoor dat de uitgangspunten waarop ze gebaseerd zijn veranderd kunnen worden. Dat betekent dat als geraamde tekorten zich in de praktijk voordoen er verschillende mechanismes zijn die in werking komen. Een grote vraag naar leraren kan bijvoorbeeld meer mensen naar de opleiding trekken en wervingskracht hebben op zij-instromers. Verder zijn veranderingen in de leerling-leraar ratio en de mate waarin bevoegd wordt lesgegeven natuurlijk ook factoren die een rol spelen bij de uiteindelijke tekorten.

Afzenders