Leerlingen en studenten

Hoe staat het met de onderwijsdeelname in Nederland als we deze vergelijken met die in andere landen? In deze rubriek wordt de deelname aan het regulier onderwijs en de deelname door volwassenen internationaal bezien. Speciale aandacht is er voor internationale verschillen in de in- en uitstroom uit het hoger onderwijs en de mobiliteit van ho-studenten.

Jaarlijks verzamelen de Organisatie voor Economische Samenwerking en Ontwikkeling (OESO) en het Europees statistisch bureau (Eurostat) gegevens over het onderwijs in de EU-landen. Deze gegevens worden gepubliceerd in de jaarlijkse publicatie Education at a Glance en in de databases van de OESO en Eurostat. Uit deze publicaties worden een paar indicatoren uitgelicht.

Uit de verdeling van studenten in het hoger onderwijs naar studierichting komt naar voren dat deze in de onderscheiden landen van de EU een wisselend beeld laat zien. In een groot deel van de landen staan in studiejaar 2014-2015 de meeste studenten ingeschreven in de richting ‘Recht, administratie, handel en zakelijke dienstverlening’ maar in Portugal, Duitsland en Finland volgen studenten juist vaker de bèta-studies ‘Techniek, industrie en bouwkunde’.

Gemiddeld over alle studierichtingen studeren er in alle landen van de EU meer vrouwen af dan mannen. Bij de bèta-studies ‘Informatica’ en ‘Techniek, industrie en bouwkunde’ ligt het aandeel afgestudeerde vrouwen echter veel lager dan gemiddeld. Vooral België en Nederland lopen sterk achter bij de rest van Europa voor wat betreft het aandeel vrouwen in bèta-richtingen.

In studiejaar 2014-2015 stond gemiddeld 43% van de 20-24 jarigen in de EU ingeschreven bij een opleiding. In de leeftijdsgroep 25-29 jaar is dit nog 15%.

Afzenders